Geschiedenis van de Brits Korthaar

Aan het eind van de 19e eeuw begonnen welgestelde Engelsen katten tentoon te stellen en te fokken. Dit waren voornamelijk katten die zij van hun verre reizen mee terug hadden genomen, zoals langharige katten uit het Nabije en Verre Oosten, en exotische kortharen zoals Siamezen, Abessijnen en Blauwe Russen. Daarnaast werd de Engelse huiskat van eigen bodem tentoongesteld. De Engelse huiskat was er in verschillende vormen en kleuren, omdat er nooit op een weloverwogen manier mee gefokt was.
Dit maakte het dan ook moeilijk om de dieren op schoonheid te beoordelen en ze te vergelijken, want er waren geen normen. Daarom werd er een rasstandaard opgesteld. Hier werd ondermeer in beschreven dat de dieren de lichaamsbouw van de stevig gebouwde pers moesten hebben, maar dan met een kortharige vacht. Om die reden kruisten ze hun kortharen soms met Perzen om dit proces te versnellen (dit zie je overigens nog af en toe terug in de Brits Langhaartjes/pluisjes die geboren worden)
Door verschillende kleuren te fokken, zoals effen blauw, zwart-, rood- en zilvertabby, schildpad etc. kon de goedgefokte Brits Korthaar zich onderscheiden van een willekeurige huiskat. Dat dit uitstekend gelukt is, zien we vandaag de dag terug in het zeer geliefde ras.